terug

Inzet: januari 1958 - juni 1958

Hr.Ms. Drenthe

Op 11 december 1957 vertrok de Drenthe uit Den Helder onder het commando van kapitein-luitenant ter zee H.A. van Oorde voor een term in Nieuw-Guinea. Op 28 januari daaropvolgend kwam de onderzeebootjager te Biak aan.

In 1958 werd door schepen van de Koninklijke Marine ondersteuning geboden aan de gezagvoerders van schepen van de Koninklijke Pakketvaart Maatschappij (KPM). Doordat de Indonesische regering een aantal Nederlandse bedrijven in IndonesiŽ had genationaliseerd, waaronder de KPM, werden de schepen van deze maatschappij bedreigd met inbeslagname door IndonesiŽ en haar marine.

Hr.Ms. Drenthe

Tijdens een patrouille van de Drenthe werd op 21 februari 1958 in Straat Makassar het KPM-schip Kasimbar ontmoet, dat op een zuidwestelijke koers voer, waarschijnlijk richting Balikpapan. Op lichtseinen en een sommatie tot stoppen werd niet gereageerd. Op een schot voor de boeg werd gereageerd met geweervuur. Dit werd door de Drenthe beantwoord met een gericht schot onder de brug met een 40 mm mitrailleur, waarop het vuren van de Kasimbar werd gestaakt.

De Kasimbar hees toen de Nederlandse vlag en de KPM-vlag. Een onderzoekingsploeg werd aan boord gestuurd, die een 14-tal Indonesische soldaten ontwapende. Zestien man werden aan boord gebracht als bewakingsploeg, waarna het schip werd opgedragen naar Manokwari te varen. Het bleek dat de Kasimbar door de Indonesische autoriteiten in beslag was genomen, onder protest van haar gezagvoerder. Begeleidt door de Drenthe arriveerde de Kasimbar op 26 februari in Manokwari.

Het verblijf van de Drenthe in Nieuw-Guinea zou van korte duur zijn. Reeds op 16 juni 1958 werd de thuisreis weer aanvaard.